Vakantiegeld en eindejaarsuitkering in het onderwijs

Auteur: Basten Berg
Gepubliceerd: 1 augustus 2026
Gebaseerd op: CAO PO 2025-2027, CAO VO 2025/2027, CAO MBO 2025-2026 en CAO HBO 2026
Redacteur: Gezocht
Wil je dit artikel redigeren? Dat kan! Heb je een foutje gevonden of mis je informatie? Stuur dan een mail naar bastenberg@eenmeesterinleren.nl en help zo mee om het onderwijs te verbeteren.

Inhoudsopgave

  1. Wat je in mei en december krijgt
  2. Vakantiegeld: 8 procent in alle vier de sectoren
  3. De minimumbedragen lopen ver uiteen
  4. De eindejaarsuitkering: 8,33 procent, behalve in het hbo
  5. Waarover het precies wordt berekend
  6. De oktobertoelage: de vergeten derde uitkering
  7. Ziekte, ouderschapsverlof en uit dienst gaan
  8. Jubileum, bindingstoelage en uitlooptoeslag
  9. Zes vragen die leraren het vaakst stellen
  10. Samenvatting

Welkom op het platform eenmeesterinleren.nl. Een plek voor leraren, andere onderwijsprofessionals en iedereen die geïnteresseerd is in de arbeidsvoorwaarden in het onderwijs. Vanuit mijn achtergrond als biologieleraar, onderwijskundige en lerarenopleider schrijf ik artikelen en maak ik video’s om fundamentele kennis over onderwijs, leren en lesgeven begrijpelijk aan te bieden. Op de community voor leraren vind je een overzicht van alle uitgewerkte onderwerpen geordend per thema en een groep onderwijsprofessionals waar je je vragen aan kunt stellen.

In mei en december staat er ineens veel meer op je rekening dan anders, en bijna niemand controleert of dat bedrag klopt. Toch gaat het samen om ruim zestien procent van je jaarsalaris, en de vier onderwijs-cao’s rekenen het niet op dezelfde manier uit. Na het lezen van dit artikel weet je welke percentages er gelden, waarover ze worden berekend, welke minimumbedragen je hebt, wat er met je uitkeringen gebeurt bij ziekte en verlof, en welke toelagen er nog meer in je cao staan.

Tabel met vakantiegeld, eindejaarsuitkering en oktobertoelage in po, vo, mbo en hbo
Dit schema is gewoon vrij te gebruiken! Link wel even naar deze pagina.

Let op: hulpmiddel, geen juridisch advies. Aan dit artikel kun je geen rechten ontlenen. Cao-teksten worden regelmatig gewijzigd en de uitleg van een bepaling kan per situatie verschillen. Voor jouw situatie is de actuele cao-tekst leidend. Twijfel je, of gaat het ergens over? Leg het dan voor aan je werkgever, je P(G)MR of je vakbond.

Let op bij de mbo-bedragen in dit artikel: de cao mbo 2025-2026 liep tot 1 maart 2026 en is nog niet vervangen. De onderhandelingen lopen. De genoemde bedragen gelden door tot er een nieuwe cao is, maar kunnen daarna met terugwerkende kracht worden aangepast. Meer daarover in het artikel over de cao mbo.

1. Wat je in mei en december krijgt

Je krijgt twee vaste extra uitkeringen per jaar: vakantiegeld in mei en een eindejaarsuitkering in december. Samen zijn dat ruim zestien procent bovenop je maandsalaris, en beide uitkeringen tellen mee voor je pensioenopbouw bij het ABP. Het wettelijk minimum voor vakantiegeld is 8 procent van je brutojaarsalaris; de Rijksoverheid legt uit waarover dat precies wordt berekend en wat er niet in meetelt.

SectorVakantiegeldEindejaarsuitkeringSamen
Po8 procent8,33 procent16,33 procent
Vo8 procent8,33 procent (6,6 procent bij VPL-overgangsrecht)16,33 procent
Mbo8 procent8,33 procent16,33 procent
Hbo8 procent8,3 procent16,3 procent

Dat verschil van drie honderdsten in het hbo lijkt niets, maar op een jaarsalaris van 50.000 euro scheelt het ongeveer vijftien euro per jaar. Belangrijker is dat de grondslag per sector verschilt: waarover die percentages precies worden berekend, is niet overal hetzelfde. Daarover gaat sectie 5.

2. Vakantiegeld: 8 procent in alle vier de sectoren

Het percentage is overal gelijk: 8 procent van je salaris per kalendermaand, uitbetaald in mei. Wat verschilt is de periode waarover het wordt opgebouwd en hoe het heet.

SectorHoe het heetUitbetalingOpbouwperiodeArtikel
Povakantie-uitkeringmeide twaalf maanden die eindigen met mei6.12 lid 3 en 5
Vovakantie-uitkeringmeide twaalf maanden die eindigen met mei3.6 lid 1
Mbovakantietoeslagmei1 juni van het vorige jaar tot 1 juni van het lopende jaar6.1 lid 1 en 3
Hbovakantie-uitkeringmeide twaalf maanden die eindigen met meiH-1 lid 4

Kijk goed naar het mbo: de opbouwperiode loopt daar formeel door tot 1 juni, dus tot ná de maand waarin wordt uitbetaald. In de andere drie sectoren eindigt de periode netjes met mei.

Het mbo is bovendien de enige sector waar je kunt kiezen voor maandelijkse uitbetaling. Artikel 6.2a bepaalt dat je met ingang van 1 januari 2026, doch uiterlijk 1 januari 2027, eenmaal per jaar kunt kiezen om de vakantietoeslag en de eindejaarsuitkering maandelijks te laten uitbetalen in plaats van jaarlijks. In het po, vo en hbo staat die keuze niet in de cao.

3. De minimumbedragen lopen ver uiteen

Alle vier de cao’s kennen een minimum vakantiegeld per maand, voor het geval 8 procent van je salaris daaronder uitkomt. Die minima verschillen fors.

SectorMinimum per maandPer wanneerArtikel
Hbo221,67 euro (2.660,03 euro per jaar)1 januari 2026bijlage III
Mbo206,57 euro voor 22 jaar en ouder, aflopend tot 103,28 euro voor 15 tot en met 17 jaar1 januari 2025bijlage B1
Po200,45 euro, en 204,76 euro vanaf 1 januari 20261 juli 20256.12 lid 6 en bijlage A4
Vo137,61 eurogeldend bedrag in de cao3.6 lid 2

Het vo-minimum is duidelijk het laagste van de vier, ruim tachtig euro per maand onder het hbo. In alle sectoren geldt het minimum naar rato: in het po naar rato van je werktijdfactor (artikel 6.12 lid 6), in het vo naar evenredigheid bij een betrekking kleiner dan een normbetrekking of bij een gebroken maand (artikel 3.6 lid 3). Het mbo is de enige sector waar het minimum van je leeftijd afhangt, en waar het niet geldt voor het carrièrepatroon van de participatiebaan.

4. De eindejaarsuitkering: 8,33 procent, behalve in het hbo

In het po, vo en mbo is de eindejaarsuitkering 8,33 procent en wordt hij in december uitbetaald. In het hbo is het 8,3 procent.

  • Po, artikel 6.11 lid 1: de werknemer ontvangt in de maand december een structurele eindejaarsuitkering van 8,33 procent, berekend over de grondslag op jaarbasis van dat kalenderjaar.
  • Vo, artikel 3.5 lid 1: 8,33 procent voor wie in een kalenderjaar op enig moment in dienst is. Lid 4 maakt één uitzondering: voor wie onder het VPL-overgangsrecht valt is het 6,6 procent. Een uitbetaalmaand noemt artikel 3.5 niet.
  • Mbo, artikel 6.2 lid 1 en 3: 8,33 procent, betaald in december, over het lopende kalenderjaar.
  • Hbo, artikel H-1 lid 5: in december wordt een structurele eindejaarsuitkering van 8,3 procent toegekend, berekend over het jaarsalaris en opgebouwd naar rato van de betrekkingsomvang.

De cao vo zegt er nog iets belangrijks bij: de eindejaarsuitkering maakt deel uit van het inkomen zoals bedoeld in het pensioenreglement (artikel 3.5 lid 5). Ook in het po en vo geven de doorwerkingstabellen in de bijlagen aan dat zowel het vakantiegeld als de eindejaarsuitkering meetellen voor het jaarinkomen bij het ABP. Je pensioen wordt dus over meer opgebouwd dan alleen je twaalf maandsalarissen.

5. Waarover het precies wordt berekend

Dit is waar de sectoren echt uit elkaar lopen. Een percentage zegt weinig als je niet weet over welk bedrag het gaat.

Het mbo is het smalst en het duidelijkst: de eindejaarsuitkering wordt berekend over het maandsalaris en de uitlooptoeslag, en verder niets (artikel 6.2 lid 2). De vakantietoeslag heeft daar juist een ruimere grondslag, met onder meer de onregelmatigheidstoelagen, de garantietoelage, de waarnemingstoelage en de EHBO-toelage erbij (artikel 6.1 lid 2).

Het po werkt met een matrix in bijlage A9 waarin per loonelement staat of het meetelt. Daar zit een addertje: de toelage onregelmatige dienst werkt in het po wél door in de vakantie-uitkering, maar juist níét in de eindejaarsuitkering. En de arbeidsmarkttoelage voor directie werkt in geen van beide door, wat artikel 6.8 lid 6 met zoveel woorden zegt.

Het vo rekent met een eenvoudige formule uit bijlage 8: de grondslag is het brutosalaris inclusief een eventuele uitlooptoeslag, minus de brutokortingen. In het hbo wordt de eindejaarsuitkering over het jaarsalaris berekend en is het begrip inkomen gedefinieerd als salaris plus vakantie-uitkering plus eindejaarsuitkering plus toelagen.

Zo controleer je je meiuitkering

Vakantiegeld is een van de weinige bedragen die je zelf kunt narekenen. Je hebt er je loonstroken van juni vorig jaar tot en met mei voor nodig.

  • Tel per maand het salaris op waarover vakantiegeld wordt berekend. In het mbo staat die lijst letterlijk in artikel 6.1 lid 2; in het po vind je hem in de matrix van bijlage A9.
  • Neem daar 8 procent van. Kom je per maand onder het minimum van jouw sector, dan geldt dat minimumbedrag naar rato van je werktijdfactor.
  • Vergelijk de uitkomst met wat er in mei is uitbetaald.
  • Scheelt het, kijk dan eerst naar kortingen: onbetaald verlof, ouderschapsverlof en in het po ook langdurige ziekte verlagen de grondslag.

Blijft er een verschil dat je niet kunt verklaren, vraag je werkgever dan om de opbouw. Dat is geen wantrouwen, dat is gewoon je loonstrook begrijpen.

6. De oktobertoelage: de vergeten derde uitkering

Naast mei en december is er in het po en het vo nog een derde moment: de oktobertoelage. Die is verrassend hoog en veel leraren weten niet dat hij bestaat.

SectorBedrag per jaarVoor wieArtikel
Po1.640 eurowie in de hoogste trede van de schaal zit, wie op grond van de garantieregeling boven het schaalmaximum zit, en onderwijsondersteunend personeel in schaal 1 tot en met 86.9
Po302,50 eurowie niet in de hoogste trede zit van de OOP-schalen 9 en hoger, de L-schalen en de A- en D-schalen6.9
Vo1.640 euro respectievelijk 302,50 eurodezelfde systematiek als in het po3.7
Mbo275 euroonderwijsondersteunend personeel, met uitzondering van docenten6.10
Hbo300 euroiedere werknemer, naast de collectieve zorgverzekering en pensioengevendT-4 lid 2

De toelage wordt maandelijks opgebouwd naar rato van je diensttijd en je werktijdfactor, en uitbetaald in oktober over de opbouw van november tot en met oktober. Zit je in de hoogste trede van je schaal, dan is het verschil groot: 1.640 euro tegenover 302,50 euro. Dat is nog een reden om te weten waar je in je schaal staat, en hoe je verder komt. Daarover gaat het artikel van LB naar LC, LD en LE.

7. Ziekte, ouderschapsverlof en uit dienst gaan

Alle drie de situaties raken je uitkeringen, en het po en het vo doen bij ziekte precies het tegenovergestelde.

Bij ziekte. Het vo beschermt je: bijlage 8 zegt uitdrukkelijk dat een korting in verband met ziekte na twaalf maanden niet wordt beschouwd als een brutokorting. Je vakantiegeld en eindejaarsuitkering blijven dus op peil, ook al daalt je salaris naar 70 procent. In het po is het andersom: de inhouding in het tweede ziektejaar op grond van de ziekteregeling telt daar mee als korting die de grondslag verlaagt. Wat er met je salaris zelf gebeurt bij ziekte staat in het artikel over ziek zijn in het onderwijs.

Bij ouderschapsverlof. In het po en het vo verlagen zowel betaald als onbetaald ouderschapsverlof de grondslag. In het vo geldt hetzelfde voor aanvullend geboorteverlof, en bij lang buitengewoon verlof bepaalt artikel 15.3 lid 1 sub d dat er over de opgenomen uren geen opbouw van vakantie, vakantie-uitkering en eindejaarsuitkering plaatsvindt. In het mbo word je tijdens betaald ouderschapsverlof beschouwd als deeltijdwerknemer, wat via je maandsalaris doorwerkt in beide uitkeringen.

Bij uit dienst gaan. Je verliest niets, je krijgt het eerder. In het po wordt de eindejaarsuitkering berekend over de maanden die je dat kalenderjaar in dienst was en uiterlijk een maand na uitdiensttreding betaald (artikel 6.11 lid 3). In het vo krijg je de uitkering naar rato, aansluitend aan het ontslag (artikel 3.5 lid 2). In het mbo wordt bij het einde van de arbeidsovereenkomst de opgebouwde en nog niet betaalde vakantietoeslag en eindejaarsuitkering betaald (artikel 6.1 lid 3 en 6.2 lid 3).

8. Jubileum, bindingstoelage en uitlooptoeslag

Er staan nog drie geldbedragen in je cao die je makkelijk over het hoofd ziet.

De jubileumgratificatie krijg je bij 25 en 40 dienstjaren, en in het po en het hbo ook bij 50 jaar. Bij 25 jaar is het 50 procent van een maandbedrag, bij 40 en 50 jaar 100 procent (po artikel 6.14, vo artikel 12.8, mbo artikel 7.4, hbo artikel H-5 lid 2). In het vo telt diensttijd in het po, vo, mbo of hbo mee (artikel 12.8 lid 3), en in het mbo tellen deeltijdjaren mee alsof je voltijd werkte (artikel 7.4 lid 3).

De bindingstoelage bestaat alleen nog in het mbo, als overgangsrecht. Wie er al recht op had houdt hem: per 1 augustus 2025 gaat het om 1.368 euro per jaar in LB, 1.524 euro in LC, 1.692 euro in LD en 1.480 euro in LE, uitgekeerd in augustus (artikel 15.5 en bijlage B4). Let op lid 4: over de bindingstoelage worden geen vakantietoeslag en eindejaarsuitkering berekend. In het vo en het hbo bestaat de bindingstoelage niet.

De uitlooptoeslag is eveneens bevroren overgangsrecht, en werkt in po, vo en mbo wél door in beide uitkeringen. In het po gaat het per 1 november 2025 om 43,06 euro per maand in LB, 37,78 euro in LC, 68,78 euro in LD en 34,03 euro in LE (bijlage A8). In het vo om 26,78 euro in LB, 48,93 euro in LC en 24,21 euro in LD (artikel 24.2 lid 3). In het mbo om 37,73 euro in LB, 68,65 euro in LC en 33,96 euro in LD (bijlage B3). De cao hbo kent geen uitlooptoeslag.

Het hbo kende daarnaast een eenmalige uitkering: in december 2025 een bruto bedrag van 700 euro naar rato van de betrekkingsomvang voor iedereen die op 1 december 2025 in dienst was, en dat bedrag was pensioengevend (artikel H-1 lid 1).

9. Zes vragen die leraren het vaakst stellen

Wanneer krijg ik mijn vakantiegeld?

In mei, in alle vier de sectoren. In het po, vo en hbo gaat het over de twaalf maanden die eindigen met mei; in het mbo over de periode van 1 juni van het vorige jaar tot 1 juni van het lopende jaar.

Hoeveel eindejaarsuitkering krijg ik precies?

8,33 procent in het po, vo en mbo, en 8,3 procent in het hbo. Val je in het vo onder het VPL-overgangsrecht, dan is het 6,6 procent (artikel 3.5 lid 4).

Krijg ik in deeltijd minder?

Ja, naar rato. De uitkeringen zijn percentages van je feitelijke salaris, dus ze schalen automatisch mee. Ook de minimumbedragen gelden naar rato van je werktijdfactor. Hoe je die werktijdfactor omrekent naar uren lees je in het artikel over de werktijdfactor en fte berekenen.

Bouw ik pensioen op over mijn vakantiegeld?

Ja. De cao vo zegt in artikel 3.5 lid 5 dat de eindejaarsuitkering deel uitmaakt van het inkomen in het pensioenreglement, en de doorwerkingstabellen in de bijlagen van de cao po en de cao vo geven voor zowel de vakantie-uitkering als de eindejaarsuitkering aan dat ze meetellen voor het jaarinkomen bij het ABP.

Ik ga in juni uit dienst. Ben ik mijn eindejaarsuitkering kwijt?

Nee. Je krijgt het opgebouwde deel uitbetaald bij je vertrek. In het po uiterlijk een maand na uitdiensttreding en berekend over de maanden dat je in dienst was (artikel 6.11 lid 3), in het vo naar rato en aansluitend aan het ontslag (artikel 3.5 lid 2), in het mbo bij het einde van de arbeidsovereenkomst (artikel 6.2 lid 3).

Kan ik mijn vakantiegeld maandelijks laten uitbetalen?

Alleen in het mbo. Artikel 6.2a geeft je met ingang van 1 januari 2026, doch uiterlijk 1 januari 2027, de mogelijkheid om eenmaal per jaar te kiezen voor maandelijkse uitbetaling van de vakantietoeslag en de eindejaarsuitkering. In de andere drie cao’s staat die keuze niet.

10. Samenvatting

  • Vakantiegeld is overal 8 procent van je salaris per maand, uitbetaald in mei.
  • De eindejaarsuitkering is 8,33 procent in po, vo en mbo, en 8,3 procent in het hbo. In het vo geldt 6,6 procent voor wie onder het VPL-overgangsrecht valt.
  • De minimumbedragen voor vakantiegeld verschillen sterk: 221,67 euro in het hbo tegenover 137,61 euro in het vo.
  • De grondslag verschilt per sector. Het mbo rekent de eindejaarsuitkering alleen over maandsalaris en uitlooptoeslag; het po werkt met een matrix waarin de onregelmatigheidstoelage wel in het vakantiegeld doorwerkt maar niet in de eindejaarsuitkering.
  • Bij langdurige ziekte beschermt het vo je grondslag uitdrukkelijk, terwijl het po de inhouding in het tweede ziektejaar wel als korting meetelt.
  • Vergeet de oktobertoelage niet: 1.640 euro per jaar in het po en vo als je in de hoogste trede zit, en 302,50 euro als dat niet zo is.
  • Beide uitkeringen tellen mee voor je pensioenopbouw bij het ABP.

Op zoek naar praktische kennis over onderwijs en
een betrokken groep collega’s om samen mee te leren?

“Al je vragen over onderwijs, leren en lesgeven snel en op een plek beantwoord door
collega’s en andere experts”

Lees ook

Bronnen

  • PO-Raad, AOb, AVS, CNV Onderwijs, FvOv & FNV (2025). CAO PO 2025-2027. Artikel 6.7 tot en met 6.14 en bijlage A4, A8 en A9.
  • VO-raad, AOb, CNV Onderwijs, FvOv & FNV (2025). CAO VO 2025/2027. Artikel 3.5 tot en met 3.7, 12.8, 15.3, 24.2 en bijlage 8.
  • MBO Raad, AOb, CNV, FvOv & FNV Overheid (2025). CAO MBO 2025-2026. Artikel 6.1, 6.2, 6.2a, 6.10, 7.4, 15.2, 15.4 en 15.5 en bijlage B1, B3 en B4.
  • Vereniging Hogescholen, AOb, FNV, CNV & FvOv (2025). CAO HBO 2026. Artikel H-1, H-2, H-5 en T-4 en bijlage III.

Dit artikel is gebaseerd op de tekst van de CAO PO 2025-2027, de CAO VO 2025/2027, de CAO MBO 2025-2026 en de CAO HBO 2026. Cao’s veranderen; controleer bij twijfel altijd de actuele tekst of leg je situatie voor aan je HR-afdeling of een onderwijsbond. Advies en technische realisatie: Basten Berg, eenmeesterinleren.nl.