Je ABP-pensioen in het onderwijs, en hoe je eerder kunt stoppen

Auteur: Basten Berg
Gepubliceerd: 1 augustus 2026
Gebaseerd op: CAO PO 2025-2027, CAO VO 2025/2027, CAO MBO 2025-2026 en CAO HBO 2026
Redacteur: Gezocht
Wil je dit artikel redigeren? Dat kan! Heb je een foutje gevonden of mis je informatie? Stuur dan een mail naar bastenberg@eenmeesterinleren.nl en help zo mee om het onderwijs te verbeteren.

Inhoudsopgave

  1. Wie je pensioen regelt, en wie niet
  2. Hoe je pensioen wordt opgebouwd
  3. Wat je pensioen kost: de premie in 2026
  4. Vakantiegeld en eindejaarsuitkering tellen mee
  5. Wat er verandert op 1 januari 2027
  6. De AOW-leeftijd, en hoeveel eerder je mag
  7. Vier routes om eerder te stoppen
    1. Eerder met pensioen
    2. Deeltijdpensioen
    3. Een hoog-laag constructie
    4. De RVU-regeling via je werkgever
  8. Je pensioen tijdens de seniorenregeling
  9. Demotie: minder verdienen zonder pensioenverlies
  10. Zes vragen die leraren het vaakst stellen
  11. Samenvatting

Welkom op het platform eenmeesterinleren.nl. Een plek voor leraren, andere onderwijsprofessionals en iedereen die geïnteresseerd is in de arbeidsvoorwaarden in het onderwijs. Vanuit mijn achtergrond als biologieleraar, onderwijskundige en lerarenopleider schrijf ik artikelen en maak ik video’s om fundamentele kennis over onderwijs, leren en lesgeven begrijpelijk aan te bieden. Op de community voor leraren vind je een overzicht van alle uitgewerkte onderwerpen geordend per thema en een groep onderwijsprofessionals waar je je vragen aan kunt stellen.

Pensioen is voor de meeste leraren een bedrag op een jaaroverzicht dat ze niet openmaken, tot het moment waarop de vraag opkomt of eerder stoppen kan. Dan blijkt dat de cao er nauwelijks iets over zegt, dat de regels per 2027 veranderen en dat er meerdere routes zijn die elk anders uitpakken. Na het lezen van dit artikel weet je hoe je opbouw werkt, wat je premie kost, wat er meetelt voor je pensioengevend inkomen, welke mogelijkheden er zijn om eerder te stoppen, en wat er met je opbouw gebeurt als je minder gaat werken.

Dit artikel geeft informatie, geen financieel advies. Ik ben geen financieel adviseur. Wat in jouw situatie verstandig is hangt af van je opbouw, je partner, je andere inkomsten en je gezondheid. Reken je eigen situatie door in Mijn ABP en laat je bij een definitieve keuze adviseren door een financieel adviseur.

Tijdlijn met de momenten vanaf 57 jaar, 60 jaar, 64 jaar en de AOW-leeftijd van 67 jaar
Dit schema is gewoon vrij te gebruiken! Link wel even naar deze pagina.

Let op: hulpmiddel, geen juridisch advies. Aan dit artikel kun je geen rechten ontlenen. Cao-teksten worden regelmatig gewijzigd en de uitleg van een bepaling kan per situatie verschillen. Voor jouw situatie is de actuele cao-tekst leidend. Twijfel je, of gaat het ergens over? Leg het dan voor aan je werkgever, je P(G)MR of je vakbond.

1. Wie je pensioen regelt, en wie niet

Je cao regelt je pensioen niet. Alle vier de onderwijs-cao’s verwijzen door naar het pensioenreglement van het ABP, en daar staan de echte regels.

SectorPensioenartikel in de caoWat er staat
Postaat niet in de cao poDe cao po kent geen algemeen pensioenartikel. Pensioen komt alleen zijdelings voor, bij demotie en ouderschapsverlof.
Vo4.1Voor wie in de Wet privatisering ABP als overheidswerknemer geldt, is het pensioenreglement van het ABP van toepassing.
Mbo14.4Verwijzing naar het pensioenreglement van het ABP.
HboT-1Verwijzing naar het pensioenreglement van het ABP.

Dat betekent iets praktisch: als je een vraag hebt over de hoogte van je pensioen, hoef je niet in je cao te zoeken. Wat je cao wél regelt zijn de randen: wat er meetelt voor je pensioengevend inkomen, wat er gebeurt tijdens verlof en tijdens de seniorenregeling, en of je werkgever een regeling mag treffen om je eerder te laten stoppen.

2. Hoe je pensioen wordt opgebouwd

Het ABP werkt met een middelloonregeling. Je bouwt elk jaar een stukje pensioen op over je inkomen in dát jaar, en al die stukjes bij elkaar vormen je pensioen.

De formule is: je pensioengevend inkomen min de franchise, maal het opbouwpercentage, maal je pensioengeldige tijd. De franchise is het deel van je inkomen waarover je geen pensioen opbouwt, omdat je daarvoor later AOW krijgt. Je pensioengeldige tijd is je deeltijdfactor: werk je 0,6, dan bouw je 0,6 jaar op.

Het ABP rekent in 2026 met twee schijven, elk met een eigen franchise en opbouwpercentage.

SchijfFranchiseOpbouwpercentage
Pensioengevend inkomen tot 56.837,07 euro15.350 euro1,701 procent
Pensioengevend inkomen van 56.837,07 tot 137.800 euro19.200 euro1,875 procent

Boven 137.800 euro bouw je geen pensioen meer op bij het ABP; dat is het maximum pensioengevend salaris voor 2026. Voor vrijwel iedereen in het onderwijs is alleen de eerste schijf relevant. Wat je in je schaal verdient staat in het artikel wat verdient een leraar.

3. Wat je pensioen kost: de premie in 2026

De premie voor ouderdoms- en nabestaandenpensioen is in 2026 27,1 procent. Je werkgever betaalt daarvan 18,97 procent en jij 8,13 procent. De verdeling is dus ongeveer zeventig om dertig.

Daarnaast is er een aparte premie voor het arbeidsongeschiktheidspensioen, en die verschilt per sector. In het primair onderwijs is dat in 2026 1,20 procent in totaal, waarvan 0,84 procent voor de werkgever en 0,36 procent voor jou, met een eigen franchise van 29.700 euro. De percentages voor de andere sectoren staan in dezelfde premietabel van het ABP.

Op je loonstrook zie je alleen jouw deel. Dat betekent dat je pensioen je feitelijk ruim drie keer zoveel oplevert als het je kost, want het werkgeversdeel is ook echt jouw pensioen.

4. Vakantiegeld en eindejaarsuitkering tellen mee

Je pensioen wordt niet over twaalf maandsalarissen opgebouwd, maar over je jaarinkomen inclusief je vakantiegeld en je eindejaarsuitkering. Dat scheelt ruim zestien procent.

De cao vo zegt het letterlijk in artikel 3.5 lid 5: de eindejaarsuitkering maakt deel uit van het inkomen zoals bedoeld in het pensioenreglement. De doorwerkingstabellen in de bijlagen van de cao po en de cao vo geven voor zowel de vakantie-uitkering als de eindejaarsuitkering aan dat ze meetellen voor het jaarinkomen bij het ABP. Ook de uitlooptoeslag, de arbeidsmarkttoelage en de toelage onregelmatige dienst tellen in het po mee.

Twee dingen tellen in het po juist niet mee: het ambtsjubileum en de gratificatie. In het hbo zijn twee bedragen uitdrukkelijk pensioengevend verklaard: de eenmalige uitkering van 700 euro uit december 2025 (artikel H-1 lid 1) en het jaarlijkse bedrag van 300 euro naast de collectieve zorgverzekering (artikel T-4 lid 2). Hoe die uitkeringen precies zijn opgebouwd lees je in het artikel over vakantiegeld en de eindejaarsuitkering.

Tijdens betaald ouderschapsverlof loopt je pensioenopbouw gewoon door. Drie cao’s regelen dat expliciet en op precies dezelfde manier: de betaling van de pensioenbijdrage vindt plaats alsof er geen verlof wordt genoten (po artikel 8.17 lid 11, vo artikel 15.6 lid 3, mbo bijlage E artikel 3 lid 2). Bij onbetaald verlof is het anders: in het vo komt de pensioenpremie tijdens lang buitengewoon verlof geheel voor jouw rekening tenzij je werkgever anders beslist (artikel 15.3 lid 1 sub b), en in het mbo verhaalt de werkgever bij onbetaald verlof tot zes maanden 40 procent van de premie op jou, van zes tot twaalf maanden 60 procent, en draagt hij na twaalf maanden niets meer bij.

5. Wat er verandert op 1 januari 2027

Het ABP gaat op 1 januari 2027 over naar de nieuwe pensioenregels van de Wet toekomst pensioenen. Dat is een jaar later dan oorspronkelijk gepland.

De belangrijkste verandering: de doorsneesystematiek verdwijnt en er komt een premieregeling, waarin de inleg van jou en je werkgever de basis is voor je pensioen in plaats van een vooraf toegezegde uitkering. Het bestaande pensioenvermogen wordt verdeeld op basis van de dekkingsgraad per 31 december 2026, en ook de al ingegane pensioenen gaan mee over.

Wat dat voor jou persoonlijk betekent hangt af van je leeftijd en je opbouw tot nu toe. Het ABP publiceert de details op zijn eigen site; kijk daarvoor bij het vernieuwde pensioenstelsel. De premie van 27,1 procent, de franchises en het maximum van 137.800 euro gelden voor 2026, onder de huidige regeling. Of die bedragen na de overgang gelijk blijven is nu nog niet vastgesteld.

6. De AOW-leeftijd, en hoeveel eerder je mag

De AOW-leeftijd is 67 jaar in 2026, en blijft dat tot en met 2027. Vanaf 2028 gaat hij naar 67 jaar en 3 maanden.

JaarAOW-leeftijd
2025 tot en met 202767 jaar
2028 tot en met 203167 jaar en 3 maanden

Het kabinet stelt elk jaar vast wat de AOW-leeftijd over vijf jaar wordt, dus de jaren na 2031 liggen nog niet vast. De actuele stand staat op de pagina over de AOW-leeftijd van de Rijksoverheid.

Je pensioen bij het ABP kun je eerder laten ingaan dan je AOW: vanaf de eerste dag van de maand waarin je 60 wordt. Uitstellen kan ook, tot maximaal vijf jaar na je AOW-leeftijd.

7. Vier routes om eerder te stoppen

Er zijn vier manieren om eerder te stoppen of af te bouwen, en ze zijn te combineren. Ze pakken alle vier anders uit voor je inkomen.

Route 1: eerder met pensioen

Je laat je volledige pensioen eerder ingaan, vanaf de maand waarin je 60 wordt. Je pensioen wordt levenslang lager, omdat hetzelfde bedrag over meer jaren wordt uitgesmeerd. Het ABP rekent met vervroegingsfactoren die jaarlijks opnieuw worden vastgesteld. Ontvang je een WW-uitkering of een arbeidsongeschiktheidspensioen, dan kan het niet.

Route 2: deeltijdpensioen

Je laat een deel van je pensioen ingaan en blijft voor de rest werken. Dat kan tussen je 60ste en één maand voor je AOW-leeftijd, met een minimum van 10 procent, en op maximaal drie momenten. Het grote voordeel: over het deel dat je blijft werken bouw je gewoon pensioen op, dus je uiteindelijke pensioen valt hoger uit dan wanneer je in één keer helemaal stopt. Let op dat je het resterende deel zelf moet aanvragen; dat gaat niet automatisch.

In het mbo heb je hier een afdwingbaar recht bij: artikel 2.10 lid 6 bepaalt dat als je gedeeltelijk uit dienst wilt treden om met deeltijdpensioen te gaan, je werkgever daarmee akkoord gaat. In de andere drie cao’s staat zo’n bepaling niet.

Route 3: een hoog-laag constructie

Je laat je pensioen niet met een vast bedrag uitkeren, maar met een hoger bedrag in de eerste jaren en een lager bedrag daarna. Dat is vooral bedoeld om de jaren vóór je AOW te overbruggen, zodat je totale inkomen inclusief AOW ongeveer gelijk blijft. Het ABP rekent daarvoor met factoren uit de bijlage bij het pensioenreglement.

Route 4: de RVU-regeling via je werkgever

Sinds 1 januari 2026 is de RVU-drempelvrijstelling een structurele regeling. Die maakt het mogelijk dat je werkgever je een uitkering geeft om eerder te stoppen, zonder dat hij daarover de volledige heffing betaalt.

  • Het drempelbedrag is 2.357 euro bruto per maand, gelijk aan de netto-AOW. Voor werknemers in knellende situaties kan dat worden opgehoogd met 300 euro tot 2.657 euro, maar dat is niet automatisch: sociale partners moeten die ophoging onderbouwen.
  • De regeling geldt voor maximaal 36 maanden voor je AOW-leeftijd.
  • De heffing voor de werkgever over het deel boven de vrijstelling gaat van 52 procent in 2025 naar 57,7 procent in 2026 en stapsgewijs naar 65 procent in 2028.
  • De regeling wordt elke drie jaar geëvalueerd, met een eerste ijkmoment in 2028.

Voor het onderwijs is dit de belangrijkste beperking: alleen de cao hbo noemt de RVU. Artikel V-9 bepaalt dat de werkgever een regeling kan overeenkomen die werknemers mogelijk maakt eerder met pensioen te gaan, en artikel V-1 lid 6 laat toe dat in het lokaal cao-overleg een generatiepact wordt afgesproken. In het po, vo en mbo staat geen RVU-regeling in de cao. Je werkgever mag er wel een treffen, maar je hebt er geen recht op. Sterker nog, de cao po bevat in artikel 9.8 lid 1 juist een bepaling die voorkomt dat het seniorenverlof een regeling voor vervroegde uittreding wordt: je moet minimaal 50 procent van je oorspronkelijke betrekkingsomvang blijven werken.

Wat je uitzoekt voordat je hierover begint

Eerder stoppen is een keuze die je meestal maar één keer maakt en die levenslang doorwerkt. Neem er een paar avonden voor voordat je er met iemand over praat.

  • Log in op Mijn ABP en bekijk wat je pensioen wordt bij je AOW-leeftijd, en wat het wordt als je op 64, 65 of 66 stopt. Dat verschil is vaak groter dan mensen verwachten.
  • Reken deeltijdpensioen apart door. Omdat je over het deel dat je blijft werken gewoon blijft opbouwen, pakt dat vaak gunstiger uit dan in één keer stoppen.
  • Kijk eerst naar de seniorenregeling in je eigen cao. Dat is meestal de eerste stap, jaren voordat pensioen aan de orde is, en hij is een stuk minder ingrijpend.
  • Vraag je werkgever of er op bestuursniveau een RVU- of generatiepactafspraak bestaat. In het hbo mag dat expliciet; in de andere sectoren bestaat het alleen als je bestuur het zelf heeft geregeld.

Zet de uitkomsten naast elkaar voordat je iets tekent, en laat je bij een definitieve keuze adviseren door een financieel adviseur. Ik ben dat niet.

8. Je pensioen tijdens de seniorenregeling

Ga je vanaf je 57ste minder werken via de seniorenregeling, dan loopt je pensioenopbouw door over je oorspronkelijke omvang. Dat geldt in alle vier de sectoren, maar niet overal even expliciet.

SectorWaar het staatHoe expliciet
Mbo9.7 lid 3, 9.8 lid 6 en 9.8a lid 6Het woord pensioenopbouw staat er letterlijk, drie keer. Artikel 9.7 lid 2 zegt bovendien dat je werktijdfactor niet wijzigt door opname van het verlof.
HboM-2-a lid 5 en lid 7Expliciet, en het gaat verder dan de rest: ook over het extra, volledig onbetaalde deel van 20 procent loopt de pensioenopbouw door op basis van de oorspronkelijke betrekkingsomvang.
Vo7.2 lid 2 sub c en lid 5 sub eLid 5 sub e noemt de pensioenpremie letterlijk: de betaling vindt plaats alsof van het recht geen gebruik wordt gemaakt.
Po9.8 lid 2 en de doorwerkingstabelImpliciet. Er staat dat alle aan het salaris gerelateerde aanspraken berekend blijven alsof je geen verlof opneemt, maar het woord pensioen komt er niet in voor.

Dat verschil is de moeite van het onthouden waard: in het mbo en het hbo kun je bij twijfel het artikel aanwijzen, in het po moet je terugvallen op de algemene bepaling. Alle details van de regelingen zelf, inclusief de eigen bijdrage per sector, staan in het artikel over minder werken vanaf 57 jaar.

Het hbo kent nog een aardige bepaling voor het laatste jaar: spreek je af de collegereeks of het studiejaar af te maken rond je AOW-leeftijd, dan mag dat onder voortzetting van je bestaande arbeidsovereenkomst, eventueel met minder uren, en de pensioenopbouw wordt tijdens die periode voortgezet (artikel Q-1).

9. Demotie: minder verdienen zonder pensioenverlies

Stap je in de laatste jaren van je loopbaan terug naar een lager betaalde functie, dan hoeft je pensioen daar niet onder te lijden. Twee cao’s regelen dat.

De cao po kent in artikel 6.18 een demotiebeleid: binnen tien jaar voor je pensioenrekenleeftijd kan bij een nieuw dienstverband met een lager salaris, op grond van artikel 3.6 van het pensioenreglement van het ABP, worden afgesproken dat je pensioenopbouw gebaseerd blijft op je oude, hogere salaris. Dat geldt niet als het lagere salaris komt doordat je minder uren gaat werken (lid 1). De premiekosten worden volgens het pensioenreglement verdeeld tussen werkgever en werknemer, en daar mag ten gunste van jou van worden afgeweken (lid 2).

De cao hbo doet in artikel T-7 hetzelfde: aanvaard je een lager betaalde baan bij dezelfde of een andere ABP-werkgever, dan houd je op eigen verzoek recht op het pensioengevend inkomen van vóór de stap terug, waarbij de premie over het verschil tussen werkgever en werknemer wordt verdeeld. In het vo en het mbo staat zo’n demotieregeling niet in de cao.

10. Zes vragen die leraren het vaakst stellen

Vanaf welke leeftijd kan ik met pensioen?

Bij het ABP kan je pensioen ingaan vanaf de eerste dag van de maand waarin je 60 wordt. Je AOW begint pas op je AOW-leeftijd, in 2026 en 2027 op 67 jaar. Die jaren ertussen moet je dus overbruggen, met een lager levenslang pensioen, met deeltijdpensioen of met een hoog-laag constructie.

Bouw ik pensioen op over mijn vakantiegeld?

Ja. Vakantiegeld en eindejaarsuitkering tellen mee voor je jaarinkomen bij het ABP. De cao vo zegt dat over de eindejaarsuitkering letterlijk in artikel 3.5 lid 5, en de doorwerkingstabellen in de cao po en de cao vo bevestigen het voor beide uitkeringen.

Ik ga minder werken. Bouw ik dan minder pensioen op?

Bij een gewone urenvermindering wel, want je pensioengeldige tijd volgt je deeltijdfactor. Maar ga je minder werken via de seniorenregeling van je cao, dan loopt de opbouw door over je oorspronkelijke omvang. In het mbo staat dat letterlijk in artikel 9.7 lid 3, in het hbo in artikel M-2-a lid 5 en 7.

Mag mijn school mij een regeling aanbieden om eerder te stoppen?

In het hbo is dat uitdrukkelijk toegestaan: artikel V-9 noemt de RVU-regeling. In het po, vo en mbo staat er geen RVU-regeling in de cao. Je werkgever mag er wel een treffen binnen de wettelijke drempelvrijstelling, maar je kunt er geen beroep op doen als hij dat niet doet.

Wat gebeurt er met mijn pensioen op 1 januari 2027?

Dan gaat het ABP over naar de nieuwe pensioenregels. Er komt een premieregeling, waarin de inleg de basis is voor je pensioen. Het bestaande vermogen wordt verdeeld op basis van de dekkingsgraad per 31 december 2026, en ook de al ingegane pensioenen gaan mee over. Wat het voor jou betekent kun je volgen via het ABP.

Loopt mijn pensioen door tijdens ouderschapsverlof?

Bij betaald ouderschapsverlof wel. De cao po (artikel 8.17 lid 11), de cao vo (artikel 15.6 lid 3) en de cao mbo (bijlage E artikel 3 lid 2) bepalen alle drie dat de betaling van de pensioenbijdrage plaatsvindt alsof er geen verlof wordt genoten. Bij onbetaald verlof is dat niet zo en betaal je in het vo de premie zelf, tenzij je werkgever anders beslist.

11. Samenvatting

  • Je cao regelt je pensioen niet: alle vier verwijzen naar het pensioenreglement van het ABP. De cao po kent zelfs geen pensioenartikel.
  • Het ABP werkt met een middelloonregeling. In 2026 bouw je op met 1,701 procent boven een franchise van 15.350 euro, en met 1,875 procent boven 56.837,07 euro.
  • De premie is in 2026 27,1 procent, waarvan 18,97 procent voor je werkgever en 8,13 procent voor jou.
  • Vakantiegeld en eindejaarsuitkering tellen mee voor je pensioengevend inkomen. Dat scheelt ruim zestien procent.
  • Op 1 januari 2027 gaat het ABP over naar het nieuwe stelsel.
  • Eerder stoppen kan via vervroeging vanaf je 60ste, deeltijdpensioen, een hoog-laag constructie of een RVU-regeling van je werkgever. Alleen de cao hbo noemt de RVU.
  • Tijdens de seniorenregeling loopt je pensioenopbouw door over je oorspronkelijke omvang, in alle vier de sectoren.

Op zoek naar praktische kennis over onderwijs en
een betrokken groep collega’s om samen mee te leren?

“Al je vragen over onderwijs, leren en lesgeven snel en op een plek beantwoord door
collega’s en andere experts”

Lees ook

Bronnen

Dit artikel is gebaseerd op de tekst van de CAO PO 2025-2027, de CAO VO 2025/2027, de CAO MBO 2025-2026 en de CAO HBO 2026. Cao’s veranderen; controleer bij twijfel altijd de actuele tekst of leg je situatie voor aan je HR-afdeling of een onderwijsbond. Advies en technische realisatie: Basten Berg, eenmeesterinleren.nl.