Pijler context: leerstof koppelen aan de leefwereld van leerlingen
Auteur: Roeland Harms
Gepubliceerd: [datum invullen bij publicatie]
Redacteur: Basten Berg
Wil je dit artikel redigeren? Dat kan! Heb je een foutje gevonden of mis je informatie? Stuur dan een mail naar bastenberg@eenmeesterinleren.nl en help zo mee om het onderwijs te verbeteren.
Inhoudsopgave
- Waarom is context zo belangrijk?
- Bewegen tussen DAT en CAT
- Zo werk je vanuit context in je les
- Samenvatting
Welkom op het platform eenmeesterinleren.nl. Dit is deel 5 van de reeks over taalgericht vakonderwijs, geschreven door gastauteur Roeland Harms. In je vakles wil je dat leerlingen de alledaagse taal die ze meebrengen ontwikkelen tot schoolser taalgebruik dat bij je vak past. Dit artikel gaat over context, een van de drie pijlers van taalgericht vakonderwijs.
Deze video is gewoon vrij te gebruiken! Link wel even naar deze pagina.
Mijn naam is Roeland Harms. Ik ben lerarenopleider aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen en aangesloten bij het Platform Taalgericht Vakonderwijs. Meer over mijn werk vind je op mijn LinkedIn-pagina.
Na het lezen van dit artikel weet je waarom context zo belangrijk is, hoe context samenhangt met het pendelen tussen dagelijkse taal (DAT) en school- en vaktaal (CAT), en hoe je lesstof duidelijk maakt vanuit contextrijke taal. Dit deel bouwt voort op de introductie en op het deel over DAT en CAT.
Deze artikelenreeks hoort bij de kennisclips van het Platform Taalgericht Vakonderwijs. Op taalgerichtvakonderwijs.org vind je de volledige reeks video’s en meer verdieping.
Op de community voor leraren vind je informatie over de volledige reeks kennisclips en wissel je ervaringen uit met andere docenten.
Waarom is context zo belangrijk?
Je kunt nieuwe leerstof uitleggen, begrippen definieren en de definitie terugvragen. Maar begrijpen leerlingen de stof dan echt? In een aardrijkskundeles kwam een leerling de zin tegen: “Rivieren behouden hun diepgang door kribben.” Hij kende het woord kribben niet en leerde de zin uit zijn hoofd. Op de toets kwam hij ermee weg, maar de betekenis was er niet. Dit is hokjeskennis: leerlingen leren definities uit het hoofd, maar kunnen de relatie met de wereld om hen heen niet leggen.
Context is cruciaal omdat het leerstof koppelt aan voorkennis en ervaringen uit de bekende taal en leefwereld. Wordt kennis alleen vanuit de vakcontext aangeboden, dan staat die vaak te ver af van de wereld van de leerling.
Bewegen tussen DAT en CAT
Leg je het begrip warmtetransport uit vanuit een theelepel die warm wordt in hete thee, en laten leerlingen zelf voelen of een houten lepel ook warm wordt, dan geef je contextrijk onderwijs. De vraag is dan of leerlingen de vakbegrippen warmtetransport en geleiding ook aan een nieuwe context kunnen koppelen, bijvoorbeeld aan een centrale verwarming. Door ze dat te laten uitzoeken en bespreken, dwing je hen dagelijkse taal te verbinden met schoolse, abstracte taal.
Het doel is beweeglijkheid op de taaltrap: leerlingen kunnen dezelfde inhoud zowel in dagelijkse taal (DAT) als in vaktaal (CAT) verwoorden, afhankelijk van de context. Dat geldt voor alle vakken, ook de beroepsgerichte: een installatiemonteur moet hetzelfde probleem met een klant anders kunnen bespreken dan met een vakcollega.
Zo werk je vanuit context in je les
Er zijn drie manieren om context te scheppen: de opbouw van de les verhelderen, voorkennis ophalen en leren met alle zintuigen.
1. De context en opbouw van de les verhelderen
Geef overzicht over de lesstructuur, bijvoorbeeld met een studieplanner voor een heel thema, en maak de verbindingen tussen lesonderdelen expliciet: “Na de proef bespreken we klassikaal na wat die aantoont, en daarna werk je het verslag uit.” Dat lijkt algemene didactiek, maar talig gezien geeft het leerlingen, en zeker tweede-taalleerders, veel houvast, zodat ze hun aandacht op de inhoud kunnen richten.
2. Voorkennis ophalen
Voorkennis is niet alleen kennis uit eerdere lessen, maar alle ervaringen die leerlingen rond een thema hebben opgedaan, juist ook buiten school. Stel een startvraag en laat leerlingen in duo’s uitwisselen waar ze aan denken, of laat ze een woordspin maken. Een schriftelijke variant is het KWL-schema (Kennis, Wil weten, geLeerd), waarmee leerlingen hun eigen leervragen formuleren. Koppel het thema aan iets actueels: bij een economieles over beleggen deel je bijvoorbeeld actuele beurskoersen om te bespreken welke bedrijven leerlingen kennen.
3. Leren met alle zintuigen
Schep context door te kijken, voelen, ruiken en luisteren. Bij de bloedsomloop laat je leerlingen hun hartslag meten voor en na kniebuigingen; bij waterproblematiek brengen ze een week lang het waterverbruik thuis in kaart. Ook in praktijkvakken koppel je de theorie aan concrete contexten: een filmpje van het blancheren van groenten of het binden van sauzen maakt het verschil, en ook daar leren leerlingen hun handelingen te benoemen en zo op de taaltrap te bewegen. Passend beeldmateriaal helpt daarbij, mits je expliciet de link met taal legt: wat zien we hier, en hoe noem je dat?
Samenvatting
Door bewust contextrijk onderwijs te geven, activeer je de dagelijkse taal en voorkennis van leerlingen en koppel je abstracte begrippen aan hun leefwereld. Leerlingen leren pendelen tussen dagelijkse taal en vaktaal, waardoor nieuwe begrippen verankerd raken. Je schept context door de opbouw van de les te verhelderen, voorkennis op te halen en te leren met alle zintuigen. Aanhaken bij de taal van leerlingen vraagt om interactie; daarover gaat het volgende deel.
Op zoek naar praktische kennis over onderwijs en
een betrokken groep collega’s om samen mee te leren?
“Al je vragen over onderwijs, leren en lesgeven snel beantwoord door
collega’s en andere experts”
Lees ook
- Taalgericht vakonderwijs: een introductie (deel 1)
- Woordenschat in de vakles (deel 4)
- Bekijk de volledige Kennisbank A-Z met alle onderwerpen over leren en lesgeven.
Interne links naar nog niet gepubliceerde delen van deze reeks werken pas na publicatie.
Bronnen
- Hajer, M. & Meestringa, T. (2026). Handboek taalgericht vakonderwijs (5e editie). Amsterdam: Boom.
- Platform Taalgericht Vakonderwijs. taalgerichtvakonderwijs.org
Deze video’s en artikelen zijn ontwikkeld door opleiders vanuit het Platform Taalgericht Vakonderwijs: Ankie Bakker en Roeland Harms (Hogeschool Arnhem Nijmegen), Mirjam de Bruijne (Hogeschool Rotterdam), Cindy Kuiper (Hogeschool Utrecht) en Maaike Hajer. Advies en technische realisatie: Basten Berg, meesterinleren.nl.