De hoogsensitieve leerling in de klas: herkennen en begeleiden
Auteur: Basten Berg
Gepubliceerd: 30/december/2023
Redacteur: Gezocht
‘Wil je dit artikel redigeren? Dat kan! Heb je een foutje gevonden of mis je informatie? Stuur dan een mail naar bastenberg@eenmeesterinleren.nl en help zo mee om het onderwijs te verbeteren.‘
Inhoudsopgave
- Wat is hoogsensitiviteit?
- Wat zijn kenmerken van hoogsensitiviteit?
- HSP en de DSM-5
- HSP en de big-5-persoonlijkheidskenmerken
- Doe de hoogsensitief test
- Is hoogsensitief en hooggevoelig hetzelfde?
- Hoe herken je een hoogsensitieve leerling in de klas?
- 12 tips voor het begeleiden van een hoogsensitieve leerling
- Wat doe je bij overprikkeling in de klas?
- Hoogsensitiviteit of toch iets anders?
- In gesprek met ouders over hoogsensitiviteit
- Veelgestelde vragen over hoogsensitieve leerlingen
Welkom op het platform eenmeesterinleren.nl. Een plek leraren, andere onderwijsprofessionals en iedereen die geïnteresseerd is in Hoogsensitiviteit. Vanuit mijn achtergrond als biologie leraar, onderwijskundige en lerarenopleider schijf ik artikelen en maak ik video’s fundamentele theorieën over onderwijs, leren en lesgeven begrijpelijk aan te bieden.
In elke klas van dertig leerlingen zitten er ongeveer vijf die hoogsensitief zijn. Ze vallen niet altijd op: sommigen zijn juist de meegaande, stille leerlingen bij wie je pas via de ouders hoort hoeveel een schooldag kost. Dit artikel gaat over wat hoogsensitiviteit (HSP) precies is, hoe je het in de klas herkent, en wat je er als leraar concreet mee doet — van de plek in het lokaal tot het gesprek met ouders.
Op de community voor leraren vind je een overzicht van alle uitgewerkte theorieën geordend per thema en een groep onderwijsprofessionals waar je je inhoudelijke vragen aan kunt stellen.
1. Wat is Hoogsensitiviteit?
Laten we beginnen bij de basis: wat is hoogsensitiviteit eigenlijk? Hoogsensitieve personen zijn dieper dan gemiddeld gevoelig voor zintuiglijke prikkels. Ze merken subtiele veranderingen op in hun omgeving en kunnen intens reageren op zowel fysieke als emotionele stimuli. Dit is geen psychische stoornis, maar een persoonlijkheidskenmerk dat ongeveer 15-20% van de bevolking treft.
2. Wat zijn Kenmerken van Hoogsensitiviteit?
Stel je voor, je zit in de lerarenkamer en een collega vraagt je: “Wat betekent het eigenlijk als een leerling hoogsensitief is?” Nou, dat is een goede vraag. Laat me je uitleggen hoe je een hoogsensitieve leerling kunt herkennen.

Bron: https://www.hspvlaanderen.be/nl
Eerst en vooral, hoogsensitieve leerlingen zijn vaak uitzonderlijk opmerkzaam op details. Ze merken subtiele veranderingen in hun omgeving die anderen misschien niet opvallen. Dit kan variëren van kleine veranderingen in iemands humeur tot een lichte verschuiving in de klasopstelling.
Ten tweede, deze leerlingen kunnen diepgaand nadenken en reflecteren. Ze verwerken informatie op een dieper niveau, wat betekent dat ze soms langer nodig hebben om te reageren. Ze zijn vaak creatief en bedachtzaam, maar kunnen ook gemakkelijk overweldigd raken door te veel informatie of te intense ervaringen.
En dan is er hun emotionele reactie. Hoogsensitieve leerlingen voelen dingen intens. Ze kunnen enorm empathisch zijn, wat betekent dat ze sterk meeleven met anderen, maar soms worstelen ze met het beheersen van hun eigen emoties. Ze kunnen bijvoorbeeld bijzonder geraakt worden door verhalen of gebeurtenissen die anderen misschien niet zo aangrijpend vinden.
Ten slotte is het belangrijk om te onthouden dat ze gevoelig kunnen zijn voor zintuiglijke prikkels. Dit betekent dat harde geluiden, felle lichten of zelfs bepaalde texturen van kleding of voedsel oncomfortabel of zelfs overweldigend kunnen zijn voor hen.
Dus, als je een leerling hebt die deze trekken vertoont, zou het kunnen dat je te maken hebt met een hoogsensitief kind. Door deze eigenschappen te herkennen, passend op te reageren en juist doorverwijzen, kun je deze leerlingen helpen zich thuis te voelen in jouw klas en hun potentieel te ontplooien.
3. HSP en de DSM-5
Hoogsensitiviteit, of de eigenschap van een Highly Sensitive Person (HSP), is niet opgenomen in de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders (DSM). De DSM, uitgegeven door de American Psychiatric Association, is een standaardclassificatiesysteem dat gebruikt wordt voor de diagnose van psychische stoornissen. Het concept van hoogsensitiviteit wordt in de psychologie en aanverwante disciplines erkend, maar het wordt niet beschouwd als een psychische stoornis.
Hoogsensitiviteit wordt eerder gezien als een persoonlijkheidseigenschap. Het is belangrijk om op te merken dat hoewel deze eigenschap bepaalde uitdagingen met zich mee kan brengen in dagelijkse situaties, zoals overweldigd raken door te veel stimuli, het niet geclassificeerd wordt als een stoornis en dus niet in de DSM voorkomt. In plaats daarvan kan het worden gezien als een aspect van iemands persoonlijkheid dat speciale aandacht en begrip vereist in verschillende contexten, waaronder onderwijs en werkplekken.
4. HSP en de big-5-persoonlijkheidskenmerken
Hoogsensitiviteit, of de eigenschap van een Highly Sensitive Person (HSP), staat niet direct als een afzonderlijke dimensie in de Big Five persoonlijkheidstheorie, maar het vertoont overlappende kenmerken met enkele van de Big Five dimensies. De Big Five omvat Openheid, Consciëntieusheid, Extraversie, Aangenaamheid, en Neuroticisme. Hoogsensitiviteit kan interageren met of invloed hebben op deze dimensies als volgt:
- Neuroticisme: Hoogsensitieve personen kunnen soms hoger scoren op neuroticisme, vanwege hun neiging om dieper na te denken over ervaringen en meer te reageren op stress. Echter, hoogsensitiviteit is niet synoniem met neuroticisme; veel HSP’s kunnen lage of gemiddelde niveaus van neuroticisme hebben.
- Openheid: Er kan een correlatie zijn tussen hoogsensitiviteit en openheid voor ervaringen. HSP’s kunnen meer aandacht hebben voor subtiele details en nuances in hun omgeving, wat kan leiden tot een diepere waardering voor kunst, muziek, en natuur.
- Consciëntieusheid: Hoogsensitieve personen kunnen in sommige gevallen ook hoger scoren op consciëntieusheid, omdat ze vaak diep nadenken voordat ze handelen en gevoelig zijn voor de gevolgen van hun acties.
- Extraversie en Aangenaamheid: Hoogsensitiviteit heeft niet direct een duidelijke relatie met extraversie of aangenaamheid. HSP’s kunnen variëren in hun niveaus van extraversie (sociale voorkeuren) en aangenaamheid (interpersoonlijke interactiestijlen).
Het is belangrijk op te merken dat hoogsensitiviteit een complexe eigenschap is die individueel varieert en niet volledig kan worden verklaard binnen het kader van de Big Five persoonlijkheidsdimensies. De interactie tussen hoogsensitiviteit en deze dimensies kan verschillen per individu, en andere psychologische factoren kunnen ook een rol spelen.
5. Doe de hoogsensitief test
Leraren willen natuurlijk graag weten hoe ze hoogsensitiviteit bij leerlingen kunnen herkennen. Het is belangrijk om te beseffen dat er geen ‘officiële’ test is voor hoogsensitiviteit, maar er zijn wel enkele indicatoren en zelfbeoordelingstools die nuttig kunnen zijn. Voor een goede diagnose is het verstandig en noodzakelijk om de leerling door te verwijzen naar experts. Denk hierbij aan een erkend psycholoog of orthopedagoog. Zij zijn ervaren en opgeleid tot het stellen van juiste diagnoze en handelingsplannen maarmee aan de ondersteuningsbehoefte van de leerling vooldaan kan worden.
Toch is het handig om te enige richting te hebben voor je doorverwijst. Laten we in dat licht kijken naar een voorbeeldtest die je in de klas kunt gebruiken.
- Reageert het kind sterk op luidruchtige omgevingen?
(Bijvoorbeeld: wordt onrustig of geïrriteerd door veel achtergrondgeluiden) - Heeft het kind moeite met grote veranderingen?
(Bijvoorbeeld: wordt angstig of overstuur bij onverwachte veranderingen in routine) - Merk je dat het kind diep geraakt wordt door de emoties van anderen?
(Bijvoorbeeld: wordt verdrietig of bezorgd als een klasgenootje of leraar van streek is) - Is het kind gevoelig voor etiketten in kleding of texturen van materialen?
(Bijvoorbeeld: klaagt over hoe kleding aanvoelt of vermijdt bepaalde stoffen) - Heeft het kind een rijke en complexe innerlijke belevingswereld?
(Bijvoorbeeld: heeft een levendige verbeelding, is vaak verdiept in gedachten) - Wordt het kind gemakkelijk overweldigd door drukke dagen op school?
(Bijvoorbeeld: lijkt uitgeput of overprikkeld na een dag vol activiteiten) - Merk je dat het kind fijngevoelig is voor subtiele veranderingen in de omgeving?
(Bijvoorbeeld: merkt kleine veranderingen op die anderen niet zien)
LET OP! Deze test is bedoeld als richtlijn en niet als definitieve diagnose. Je kunt deze vragenlijst gebruiken om een beter inzicht te krijgen in de mogelijke hoogsensitieve aard van je leerlingen.
Als een leerling op veel van deze vragen ‘ja’ scoort, kan dit een indicatie zijn van hoogsensitiviteit. Het is belangrijk om dit met zorg en begrip te benaderen en, indien nodig, aanpassingen in de leeromgeving te maken om de leerling te ondersteunen.
Belangrijk is wel dat dergelijke testes altijd moeten worden gezien als een startpunt voor verder gesprek en doorverwijzing, niet als een eindoordeel. Als leraar kun je deze informatie gebruiken om je benadering en interactie met de leerling af te stemmen, maar het is ook belangrijk om met de ouders te overleggen en juist door te verwijzen naar en eventueel met schoolpsychologen of buitenschoolse experts voor een vollediger beeld.
6. Is hoogsensitief en hooggevoelig hetzelfde?
In de context van het onderwijs is het relevant om het onderscheid tussen ‘hoogsensitief’ en ‘hooggevoelig’ te verkennen. Hoewel deze termen vaak door elkaar worden gebruikt, verwijzen ze naar enigszins verschillende aspecten van gevoeligheid, wat belangrijk kan zijn in de benadering van leerlingen.
Hoogsensitiviteit (HSP) verwijst naar een verhoogde gevoeligheid voor zintuiglijke prikkels, zoals geluiden, lichten, of texturen, en een diepgaande manier van verwerken van informatie. Dit kan invloed hebben op hoe leerlingen reageren op hun fysieke omgeving in het klaslokaal.
Hooggevoeligheid, daarentegen, wordt vaak geassocieerd met emotionele gevoeligheid en empathie. Dit kan zich manifesteren in hoe leerlingen reageren op sociale interacties of emotionele situaties.
Onderwijsprofessionals dienen zich bewust te zijn van deze nuances, omdat ze kunnen helpen bij het identificeren en adequaat reageren op de specifieke behoeften van leerlingen. Een hoogsensitieve leerling kan bijvoorbeeld baat hebben bij een rustigere leeromgeving met minder zintuiglijke stimulatie, terwijl een hooggevoelige leerling meer ondersteuning kan nodig hebben in het navigeren door sociale en emotionele uitdagingen.
7. Hoe herken je een hoogsensitieve leerling in de klas?
Hoogsensitiviteit is geen diagnose die je als leraar stelt. Wat je wél kunt doen, is gedrag observeren en er rekening mee houden. Onderstaande signalen komen vaak terug bij hoogsensitieve leerlingen. Ze zeggen niets over intelligentie, motivatie of opvoeding, en ze komen ook los van hoogsensitiviteit voor. Zie het als een observatielijst, niet als een test.
- De leerling reageert sterk op geluid, fel licht, drukte of geuren in het lokaal.
- Na een gymles, pauze of excursie is er zichtbaar meer hersteltijd nodig dan bij klasgenoten.
- De leerling merkt kleine veranderingen op: een andere plattegrond, een nieuwe poster, jouw stemming.
- Feedback komt hard aan, ook als die mild bedoeld is. Een correctie blijft lang hangen.
- Kijken gaat voor doen: eerst een tijdje observeren, dan pas meedoen aan een nieuwe activiteit.
- Er is een sterk rechtvaardigheidsgevoel; onrecht tegen een klasgenoot raakt de leerling persoonlijk.
- Presteren onder tijdsdruk of voor de klas kost onevenredig veel moeite.
- De leerling voelt de sfeer in de groep haarfijn aan en past zich er sterk op aan.
- Onverwachte wijzigingen in het rooster of een invaller geven meer onrust dan gemiddeld.
- Thuis komt de spanning van de schooldag er alsnog uit, terwijl je op school weinig merkte.
Dat laatste punt is belangrijk. Veel hoogsensitieve leerlingen vallen op school juist niet op: ze zijn meegaand, netjes en stil. De rekening wordt thuis betaald. Als ouders iets melden wat jij in de klas niet ziet, is dat dus geen tegenspraak maar een aanvulling.
8. 12 tips voor het begeleiden van een hoogsensitieve leerling
Het goede nieuws: bijna alles wat werkt voor een hoogsensitieve leerling werkt voor de hele klas. Je hoeft dus zelden een apart programma te maken. Dit zijn twaalf aanpassingen die in de praktijk het meeste opleveren.
- Maak de dag voorspelbaar. Zet het programma zichtbaar op het bord en benoem afwijkingen vooraf. Niet weten wat er komt kost een hoogsensitieve leerling meer energie dan de activiteit zelf.
- Kondig wisselingen aan. Een invaller, een andere volgorde of een uitje: één zin vooraf voorkomt een halve ochtend onrust.
- Denk na over de plek in het lokaal. Niet naast de deur, de gang of het raam op het schoolplein. Een plek met overzicht en weinig langslopend verkeer werkt beter dan vooraan of achteraan.
- Bouw herstelmomenten in. Kort iets alleen mogen doen — materiaal halen, een boodschap wegbrengen — is geen beloning maar een pauzeknop.
- Geef feedback in privé. Een correctie voor de hele klas komt bij deze leerlingen twee keer zo hard aan. Loop langs en zeg het zacht.
- Wees concreet in je feedback. Benoem het werk, niet de persoon: “deze alinea mist een voorbeeld” in plaats van “je hebt niet goed opgelet”.
- Geef denktijd. Stel de vraag, wacht, en vraag daarna pas wie antwoordt. Willekeurige beurten zonder aankondiging zijn voor een hoogsensitieve leerling een stressbron.
- Bied keuze binnen kaders. Twee opdrachten waaruit gekozen mag worden, of zelf de volgorde bepalen, geeft grip zonder dat je de structuur loslaat.
- Beperk de prikkels die je zelf toevoegt. Kijk eens kritisch naar de hoeveelheid posters, muziek en beeldschermen. Wat voor jou sfeer is, is voor hen ruis.
- Bereid presentaties voor. Laat de leerling eerst aan jou of aan twee klasgenoten presenteren voordat het voor de hele groep moet.
- Normaliseer het. Zeg niet “je bent te gevoelig” maar “jij merkt veel op”. Hetzelfde gedrag, een compleet ander zelfbeeld.
- Kijk naar je eigen toon. Deze leerlingen lezen jouw stemming mee. Een gehaaste of geïrriteerde leraar levert een onrustige hoogsensitieve leerling op, ook als je niets tegen hén zei.
Begin niet met alle twaalf tegelijk. Kies er twee die passen bij wat jij in jouw lokaal ziet gebeuren, houd die een paar weken vol en kijk wat er verandert.
9. Wat doe je bij overprikkeling in de klas?
Overprikkeling ziet er niet bij iedereen hetzelfde uit. De ene leerling wordt boos of huilt, de andere valt juist stil, staart voor zich uit of legt het hoofd op tafel. Dat tweede wordt vaak gelezen als ongemotiveerd of lui, terwijl het systeem simpelweg vol is.
- Verlaag eerst de prikkels, praat daarna pas. Uitleg vragen aan iemand die overprikkeld is werkt averechts. Zorg eerst voor rust, ruimte en minder mensen.
- Houd je eigen stem laag en langzaam. Je toon telt op dit moment zwaarder dan je woorden.
- Bied een vaste uitwijkplek. Spreek vooraf af waar de leerling even naartoe kan: de gang, de leeshoek, het lokaal ernaast. Vooraf afspreken is het halve werk.
- Stel geen waarom-vragen. “Waarom doe je zo?” is niet te beantwoorden tijdens overprikkeling en voegt schaamte toe.
- Kom er later op terug. Het gesprek over wat er gebeurde voer je als het rustig is, niet in het moment.
- Zoek het patroon. Noteer een paar keer wanneer het misging: welk moment van de dag, welke les, welke situatie. Meestal zie je binnen twee weken een patroon en kun je de trigger wegnemen.
10. Hoogsensitiviteit of toch iets anders?
Hier gaat het in de praktijk het vaakst mis. Hoogsensitiviteit is een persoonlijkheidskenmerk, geen stoornis, en het gedrag lijkt op dat van een aantal andere dingen. Een paar verschillen die helpen bij het kijken — met de kanttekening dat alleen een gedragsdeskundige hier uitsluitsel over geeft.
- ADHD: bij ADHD zie je moeite met het remmen van impulsen en het vasthouden van aandacht, ook in rustige, prikkelarme situaties. Een hoogsensitieve leerling functioneert in een rustige omgeving juist prima.
- Autisme: overlap zit in de prikkelgevoeligheid en de behoefte aan voorspelbaarheid. Het verschil zit vaak in de sociale afstemming: hoogsensitieve leerlingen lezen sociale signalen doorgaans juist heel scherp.
- Faalangst: faalangst is situatiegebonden en gaat over presteren en beoordeeld worden. Hoogsensitiviteit speelt de hele dag, ook zonder toets.
- Hoogbegaafdheid: deze twee komen regelmatig samen voor. Het is dus geen kwestie van kiezen — kijk of beide een rol spelen.
- Introversie: introversie gaat over waar je energie van krijgt, hoogsensitiviteit over hoe diep prikkels binnenkomen. Ongeveer drie op de tien hoogsensitieve mensen is extravert.
11. In gesprek met ouders over hoogsensitiviteit
Ouders van een hoogsensitief kind hebben vaak al een lange weg afgelegd voordat ze bij jou aan tafel zitten. Soms zijn ze opgelucht dat iemand het ziet, soms zijn ze op hun hoede omdat hun kind eerder is weggezet als aansteller of als lastig.
Drie dingen die zo’n gesprek makkelijker maken. Begin bij wat je zíet in plaats van bij een term: concrete observaties zijn niet aanvechtbaar, interpretaties wel. Vraag daarna hoe het thuis gaat na schooltijd — daar zit vaak de informatie die jij mist. En maak tot slot één afspraak die klein genoeg is om vol te houden, bijvoorbeeld een andere plek in het lokaal of een vast herstelmoment na de gymles. Evalueer die over vier weken.
12. Veelgestelde vragen over hoogsensitieve leerlingen
Is hoogsensitiviteit een stoornis?
Nee. Hoogsensitiviteit staat niet in de DSM-5 en is geen aandoening. Het is een persoonlijkheidskenmerk dat bij ongeveer 15 tot 20 procent van de mensen voorkomt.
Hoeveel hoogsensitieve leerlingen zitten er in mijn klas?
Uitgaande van 15 tot 20 procent zijn dat er in een klas van dertig ongeveer vijf. Je hebt er dus vrijwel altijd een paar.
Mag ik een leerling hoogsensitief noemen?
Als leraar stel je geen diagnose, en dat hoeft ook niet. Je kunt gedrag benoemen en je aanpak aanpassen zonder een etiket te plakken. Labels hebben de neiging te blijven plakken.
Moet een hoogsensitieve leerling worden ontzien?
Nee, en dat is contraproductief. Het doel is niet minder vragen maar betere voorbereiding: dezelfde eisen, met meer voorspelbaarheid en hersteltijd.
Groeit een kind eroverheen?
Hoogsensitiviteit verdwijnt niet, maar leerlingen leren er wel steeds beter mee omgaan. Jouw rol is vooral dat ze het als een eigenschap leren zien en niet als een tekortkoming.
Wat als ouders het er niet mee eens zijn?
Ga uit van gedrag en observaties in plaats van termen. “Ik zie dat hij na de pauze een kwartier nodig heeft” levert een heel ander gesprek op dan “volgens mij is hij hoogsensitief”.
Een leven lang lesgeven doen docenten samen.
Al je vragen over onderwijs, leren en lesgeven snel en op een plek beantwoord door
collega’s en andere experts.
‘Heb je vanuit je expertise of ervaring aanvullingen of kritiek op het artikel? Deze input is altijd welkom! Stuur dan een mail naar support@eenmeesterinleren.nl, zodat we informatie toe kunnen voegen of de fout kunnen herstellen!‘